Co-innovatie: hoe SAP en AkzoNobel elkaar vonden

De Volvo Ocean Race 2017-2018 vormde voor SAP en AkzoNobel het decor voor co-innovatie. Met het project ‘Biometric Edge’ hielpen ze de bemanningsleden van team AkzoNobel om tot maximale prestaties te komen. Hoe kwamen een softwareleverancier en een chemiebedrijf tot een oplossing die het verschil kan maken tussen winst en verlies?

Skippers moeten tijdens de Volvo Ocean Race continu strategische keuzes maken. Wie wanneer rust krijgt, taakverdelingen, roulatieschema’s: alles om de samenwerking en prestaties op de boot te optimaliseren. Alle deelnemende boten aan de Volvo Ocean Race zijn immers identiek. De bemanning maakt dus het verschil. Voor het maken van goede keuzes is inzicht nodig in de fysieke toestand van de bemanningsleden. Hun fysieke conditie – of beter gezegd mate van uitputting – is een belangrijke factor.

Biometric Edge
Die uitputting meetbaar en inzichtelijk maken, zodat de bemanning betere beslissingen kan nemen. Dat was het doel van het innovatieproject ‘Biometric Edge’ dat SAP Nederland heeft opgezet samen met AkzoNobel. De negen bemanningsleden van team AkzoNobel droegen speciale horloges met een optische hartslagmeter die de hartslag continu monitort, en daarmee ook de hoeveelheid slaap en het calorieverbruik registreert.

Voor analyse en interpretatie van de sensordata werd SAP Leonardo IoT Edge gebruikt. Zo hadden de negen bemanningsleden een gedetailleerd beeld van hun eigen fysieke gesteldheid en dat van hun team, en konden ze bijvoorbeeld de maaltijden en off watch-momenten optimaal inplannen.

Design thinking
Het succes tijdens de Volvo Ocean Race smaakt naar meer. Biometric Edge is bijvoorbeeld ook bij andere intensieve sportevenementen in te zetten. Of in werksituaties waar vermoeidheid grote consequenties kan hebben. Maar eventueel ook in een medische context voor bijvoorbeeld stress-gerelateerde klachten zoals hoofdpijn. “En het begon allemaal met twee mensen aan een tafeltje die zich afvroegen wat ze met SAP-technologie kunnen betekenen voor in dit geval team AkzoNobel”, zegt Marc Teerlink, Global Vice President SAP Leonardo, New Markets and AI. “Dan moet je buiten je eigen context durven denken.”

Het startpunt voor de gezamenlijke ontdekkingstocht was echter niet de technologie maar de vraag hoe je het maximale uit een topsporter haalt. Wat volgde was een design-thinkingsessie. Tijdens zo’n sessie is niet een probleem of de gebruikte technologie het uitgangspunt, maar het te bereiken doel. Van daaruit kunnen organisaties nadenken over een praktische, creatieve manier om dit specifieke doel te realiseren. “Voor ons was dit de perfecte manier om tot ideeën te komen waar we op een andere manier nooit op waren gekomen”, aldus Peter Veenstra, Chief Operating Officer bij SAP Nederland. “Je kunt je gedachten onbelemmerd de vrije loop laten.”

Praktische aanpak
“Als klant of gebruiker kom je zelf in het centrum van de innovatie te staan”, stelt Massimo Mercuri, directeur van het Center of Expertise for Digital Innovation and Strategy bij AkzoNobel. Veenstra: “Design thinking wordt vaak als iets heel abstracts gezien. Alsof iedereen tijdens zo’n sessie rondloopt met tekeningen. Maar het is juist een praktische aanpak om tot een oplossing te komen.”

“Neem het probleem met de enkele sok”, vervolgt Teerlink. “Zeker mannen trekken ’s ochtend de wasdroger leeg en vinden dan in de berg schone was altijd maar één blauwe sok terwijl de bijbehorende sok onvindbaar lijkt te zijn en gaan vervolgens gestrest op pad. Bij design thinking doe je een stap terug en stel je jezelf de vraag: hoe vind ik sneller twee blauwe sokken? Want dat is je doel, sneller twee blauwe sokken vinden. Tijdens een design-thinkingsessie kom je dan al snel – en zonder stress – tot de conclusie dat je dat bijvoorbeeld doet door de was eerst te selecteren op kleur.”

Droomhuwelijk
“Ik heb de tekening die we hebben gemaakt tijdens de design-thinkingsessie nog altijd liggen”, merkt Mercuri met een lach op. Na die sessie stonden AkzoNobel en SAP – twee bedrijven die op het eerste oog weinig met elkaar gemeen hebben – echter voor de uitdaging om te komen tot een werkende oplossing. “Dat lukt alleen als je mensen de ruimte geeft om in alle openheid met elkaar te spelen en te laten ontdekken waar de grenzen liggen. Rem ze vooral niet af. Experimenteren is je doel bereiken door af en toe ook een beetje te falen. Al doende leer je.”

“Overigens denk ik ook dat SAP en AkzoNobel meer met elkaar gemeen hebben dan je zou denken”, merkt Teerlink op. “De directies van beide bedrijven hebben verandering en innovatie omarmd. Dat zorgde ervoor dat er al snel sprake was van een droomhuwelijk. En in ieder huwelijk is wel eens sprake van onenigheid, maar daar leer je weer van.” Mercuri: “En net zoals in een huwelijk moet je ook tijdens een co-innovatietraject de hoogtepunten vieren.”